Hoe je aan de druk(te) ontkomt

Nergens vind je zoveel stoïcijnse ’truth bombs’ als in Seneca’s De Brevitate Vitae (De korte duur van het leven). In deze korte tekst neemt hij alle drukbezette mensen in Rome op de korrel. Hun grootste probleem? Ze verlangen voortdurend naar zaken die ze eigenlijk niet willen.

‘De een bereikt het zo verhoopte ambt van consul en wil het meteen neerleggen. ‘Wanneer is dit jaar eindelijk voorbij?’ zegt hij telkens. Een ander mag spelen organiseren, iets wat hij tevoren graag in zijn takenpakket wilde en heel hoog aansloeg. ‘Wanneer ben ik daar vanaf?’ zegt hij. Een advocaat wordt overal op het forum aangeklampt, men loopt voor hem te hoop, zijn gehoor is groter dan het bereik van zijn stem. ‘Wanneer wordt de zaak geschorst?’ zegt hij. Iedereen jaagt zijn leven erdoor, lijdt aan verlangen naar later en afkeer van het hier en nu.’

Oké, dus minder werken en meer genieten dan maar? Maar zelfs daar vinden ze geen rust, zegt Seneca:

‘Juist hun genoegens hebben iets nerveus en onrustigs, er doemen allerlei schrikbeelden bij hen op. Op piekmomenten bekruipt hen de bange gedachte: ‘hoe lang houdt dit stand?’

Leven in het nu

Je hoort mensen vaak zeggen dat we ‘in het nu’ moeten leven, maar volgens Seneca is dat helemaal niet mogelijk:

‘Het leven is verdeeld in drie tijden: verleden, heden en toekomst. Daarvan is het ‘nu’ kort, ‘later’ onzeker en ‘vroeger’ zeker. Over dat laatste is Fortuna namelijk haar rechten kwijt, niemand krijgt er ooit nog zeggenschap over.’

Wat moeten we volgens Seneca dan wel doen?

Als eerste moeten we de illusie loslaten dat we meer tijd kunnen vrijspelen. Dat gaat niet. Ieder van ons heeft een potje tijd waarvan we niet weten hoe vol het zit. Het kan morgen al op zijn. Het kan over vijf minuten al leeg lopen. Het verschil zit hem niet in de kwantiteit, maar in de kwaliteit. Besteden we de tijd die we hebben op de juiste manier, bijvoorbeeld door bij te dragen aan elkaars welzijn? Of dienstbaar te zijn aan de gemeenschap? Zulke tijd is nooit verspild. Besteden we onze tijd echter aan status, ijdelheid of prestige projecten? Dan is elke minuut als een druppel in een voortrazende beek.

Als tweede moeten we ons bewust zijn van onze levensfase. Voor een jonge man of vrouw is het normaal en zelfs prettig om hard te werken, iets op te bouwen, jezelf te ontwikkelen en te leren. Maar andere levensfasen hebben andere behoeftes. Wat wij ten onrechte de ‘midlife crisis’ noemen is eigenlijk een bewustwording. We hebben behoefte aan begrip, aan inzicht, aan reflectie over onze plek binnen het grotere plaatje. Als we dan hard door blijven werken missen we onze nieuwe rol, bijvoorbeeld die van gids, mentor of raadgever.

Als derde moeten we ons leven verrijken met filosofie. En dan bedoel ik niet dat je een universitaire studie wijsbegeerte moet gaan doen. Het gaat hier om levensfilosofie, het in gesprek gaan met de wijze mensen uit het verleden:

‘Als we niet heel ondankbaar zijn zit het zo: die vermaarde stichters van klassieke denkstelsels zijn geboren voor óns, hebben het levenspad gebaand voor óns. Wij komen in aanraking met de schitterendste ideeën, onttrokken aan het duister en in het licht gebracht, dankzij andermans inspanningen. Geen eeuw blijft voor ons afgesloten, we hebben overal toegang.’

Levenskunst

Dus het is niet zo dat we lijden onder de korte duur van ons leven. Nee, we maken het kort door onze tijd te verspillen met zinloze activiteiten. Dat kan en mag anders.

Hoe?

Begin maar eens met de filosofie, en wat dat betreft is er geen beter boek om mee te beginnen dan Levenskunst: filosofische essays over leven en dood van Seneca, vertaald door Vincent Hunink.