Je bent geïnteresseerd in de stoïcijnse filosofie. Je hebt waarschijnlijk wat podcasts geluisterd en iets van Mark Tuitert, Ryan Holiday of Miriam van Reijen gelezen. De kans is ook groot dat je wel eens een tekst van Epictetus, Seneca of Marcus Aurelius hebt geprobeerd.
En dat je afhaakte.
Dat is best begrijpelijk. Want die oude teksten zijn een stuk minder toegankelijk. Ze komen uit een andere cultuur, hebben andere waarden en normen en kennen een totaal andere belevingswereld. Soms doen ze gewoon vreemd aan. Neem Seneca, die schrijft dat in ieder mens een heilige geest woont. Of Marcus Aurelius, die meent dat de goden mensen ziekte, dood en verderf voorschrijven als medicijn voor hun ziekte. Of Epictetus, die stelt dat mensen die te lang op de WC zitten onbetrouwbaar zijn.
Toch kennen deze oude teksten een dimensie die veel rijker is dan welk modern boek dan ook. Want dit waren mensen die niet alleen over hun filosofie schreven, maar deze ook tot op het bot leefden. En als je weet hoe je ze moet leren lezen, ontsluit je deze rijkdom ook voor jezelf.
Dus wil jij de oude stoïcijnen beter begrijpen door ze te gaan lezen? Dan is deze stoïcijnse leesstrategie voor jou.
Ik heb drie valkuilen waar je op moet letten.
Drie dingen die je als voorkennis moet weten.
Drie tips die helpen bij het verwerken van de tekst.
En drie titels waar je het beste mee kunt beginnen.
De stoïcijnse leesstrategie
Dit zijn de valkuilen:
De eerste is presentisme. Het is de neiging praktijken uit het verleden te veroordelen vanuit onze hedendaagse normen en waarden. Zo was in de oudheid slavernij een praktijk die overal in de wereld voorkwam. Er werd ook anders gedacht over de verhouding tussen mannen en vrouwen. Die ideeën kom je dus tegen in de teksten.
Voor sommige lezers is dit een drempel waar ze moeilijk overheen kunnen, maar je hoeft alleen maar te accepteren dat mensen vroeger anders dachten en doen dan wij. Dan kun je alsnog bij de wijsheid waar we vandaag nog van kunnen leren. Het stoïcisme bestuderen maakt je echt geen goedprater van slavernij of seksisme.
De tweede valkuil is projectie. Het is de neiging de betekenis van hedendaagse woorden te projecteren op dezelfde woorden in het verleden. Zo spreken de stoïcijnen veel over natuur, god en onverschilligheid. Die woorden hebben voor hen echter een andere betekenis dan voor ons. Met die kennis in het achterhoofd kun je de nuances van deze woorden uit de tekst halen en je denken verrijken.
De derde valkuil is structuur. Klassieke teksten volgen nooit de inleiding, kern en slot logica die wij op school hebben geleerd. Ze beginnen ergens en eindigen ergens. Als je op zoek gaat naar deze structuur raak je zeker verdwaald in de woorden. Teksten centreren zich om een bepaald thema en zijn bedoeld om steeds opnieuw te herlezen, niet om eenmalig door te nemen. Het vraagt herhaling, toewijding en geduld.
Dit is de voorkennis:
Het eerste dat je moet weten is dat een klassieke tekst als doel heeft de lezer te informeren, maar ook om deze te vormen. Soms worden teksten bewust moeilijk of tegenstrijdig geschreven, zodat het iets met de lezer doet. De filosofen wilden hun publiek aan het denken zetten, en niet alleen maar de theorie voorkauwen. Dus sta toe dat de tekst iets met je doet en je filosofische denkhouding activeert.
Het tweede dat je moet weten is dat deze teksten voor een specifiek publiek zijn geschreven. De colleges en het handboekje van Epictetus zijn voor studenten en oud-leerlingen uit zijn school. Dit zijn voornamelijk jonge mannen uit de hogere klassen. Seneca schrijft voor de Romeinse elite, terwijl Musonius Rufus juist weer de midden en lagere klassen aanspreekt. Marcus schrijft alleen aan zichzelf.
Om de tekst beter te kunnen begrijpen moet je dus weten welk publiek werd aangesproken zodat je kunt beoordelen wat wel en wat niet relevant is voor jou. Zo zegt Epictetus tegen zijn eerstejaars studenten dat ze moeten stoppen met verlangen, maar dit is zeker geen boodschap die voor iedereen geldt. De ouderejaars en bezoekers van zijn school krijgen weer andere boodschappen mee.
Het derde dat je moet weten is dat klassieke filosofie anders is dan de hedendaagse. Nu is het een manier van kritisch denken, vroeger was het een manier van betekenisvol leven. Spiritualiteit speelt daar een grote rol in. Voor een stoïcijn is het ondenkbaar niet te filosoferen over goden, de ziel, de zin van het leven, het goede, ware en schone. Wie de stoïcijnse filosofie ten volste wil beoefenen doet er goed aan deze spirituele dimensie serieus te nemen en zich niet af te laten schrikken door metafysische gedachten.
Zo verwerk je een tekst:
Wil je een stoïcijnse tekst goed verwerken, zorg dan dat je altijd een pen en een notitieboek bij je hebt. Sommige mensen durven niet te strepen in hun boeken. Zet je eroverheen of gebruik plakkertjes.
Steeds als je een tekst of een hoofdstukje hebt gelezen neem je de tijd om te reflecteren. Dit zijn mijn drie standaardvragen:
Ten eerste, wat resoneert in deze tekst en wat niet? Ik schrijf de tekstgedeeltes of gedachten kort op, zodat ik ze later kan teruglezen.
Ten tweede, welke redenen kan ik bedenken waarom sommige zaken resoneren en andere niet. Komt dat door mijn opvoeding, mijn politieke overtuigingen, mijn ervaringen? Of door iets anders? Ik schrijf mijn redenen op.
Ten derde, wat wil deze tekst mij vertellen? Wat is de boodschap die gevormd wordt door de interactie tussen de filosoof (die geschreven of gesproken heeft) en ik, de lezer (die leest, denkt, overweegt of geraakt wordt)? Ik schrijf de boodschap op.
Op deze manier schrijf ik mijn eigen filosofische meditaties waar ik later naar kan terugkeren. Om te ontdekken wat veranderd is, of wat ik anders begrijp, hoe de tekst anders is geworden, of ik zelf.
Drie boekentips
De volgende drie stoïcijnse boeken zijn zeer geschikt om mee te beginnen:
Hou daarbij wel de valkuilen, voorkennis en tips in gedachten!
Ten eerste, De kunst van het geven van Seneca. Vertaald door Vincent Hunink. Het is helaas een bloemlezing, maar toch een zeer toegankelijk werk waarin bijna alle klassieke stoïcijnse principes terug komen.
Ten tweede, Persoonlijke Notities van Marcus Aurelius. Er zijn drie vertalingen op de markt, maar deze van Simone Mooij-Valk is mijn favoriet. Absoluut geen boek om in één keer te lezen, maar in kleine stukjes verspreid over een lange tijd. De spirituele dimensie is hier ruimschoots aanwezig.
Ten derde, That one should disdain hardships van Musonius Rufus, vertaald door Cora Lutz. Helaas is de Nederlandse vertaling Een oprechte stoïcijn niet langer verkrijgbaar. In deze bundel colleges spreekt Musonius Rufus kort en bondig een breed publiek aan over zeer praktische principes.
Vooruit, nog een vierde! De Stoïcijnse School (Noordboek, 2025) van Michiel Buis en ondergetekende. Dit boek biedt alle context die je nodig hebt om de stoïcijnen beter te begrijpen. De hoofdstukken zijn op zichzelf te lezen, zodat je gericht op thema of idee kunt gaan verdiepen.
Ik weet zeker dat je met deze adviezen snel vorderingen in de stoïcijnse le(v)e(n)skunt gaat maken!
Vaya con logos!